Ultra-bewerkte voedingsmiddelen zijn in korte tijd een steeds groter deel van ons voedsel geworden. Dat lijkt misschien een snelle en goedkope oplossing, maar het zet productie, verpakking en transport onder blijvende druk en maakt de voedselketen afhankelijk van bewerkte producten in plaats van verse keuzes.
Daarvan voelen vervoerders en werknemers in de verpakking en productie de gevolgen direct. Internationaal transport wordt vaak gezien als zwaar en lastig werk, terwijl er tegelijk meer volume door dezelfde keten moet. Als we niets veranderen, blijft die druk toenemen en krijgen verse en gekoelde producten nog minder ruimte in het aanbod.
Ook voor consumenten heeft dit gevolgen. Wanneer ultra-bewerkte voeding de norm wordt, raken mensen gewend aan producten die lang houdbaar zijn maar niet altijd bijdragen aan een gezonde en duurzame voedselomgeving. Ontwikkeling in ons land moet gaan over de toekomst, niet over kortetermijnoplossingen die de keten op lange termijn verzwakken.
Daarom vragen wij de regering en het parlement om een duidelijk beleid te voeren dat verse, minimale bewerking en gekoelde distributie actief ondersteunt, en de groei van ultra-bewerkte voeding niet langer als vanzelfsprekend te behandelen. Dat betekent: meer ruimte voor producten die vers worden geproduceerd, vervoerd en verkocht, en minder afhankelijkheid van industriële voeding die vooral op gemak en lange houdbaarheid leunt.
Wij vragen de verantwoordelijke beleidsmakers om dit binnen een nationaal voedselbeleid vast te leggen, zodat producenten, vervoerders en winkels weten waar de koers ligt. Kies voor een voedselketen die werk, kwaliteit en gezondheid op de lange termijn versterkt, in plaats van een systeem dat steeds verder van vers en eerlijk transport afdrijft.