Bezwaarschrift natuurbeheerplan De Vennen
Bezwaarschrift natuurbeheerplan De Vennen
Aan: Agentschap voor Natuur en Bos – AVES Antwerpen, [email protected]
Onderwerp: Bezwaar natuurbeheerplan De Vennen NBP-AN-20-0215
Van: omwonenden, eigenaars en landbouwers in en rond De Vennen te Balen;
Contactpersoon: Dieter Mols, Ongelberg 98, 2490 Balen, 0496329540
Geachte,
De ondertekenaars dienen bezwaar in tegen het ontwerp van wijziging (uitbreiding) van het natuurbeheerplan De Vennen en de bijhorende toegankelijkheidsregeling (NBP-AN-20-0215), ingediend door Natuurpunt Beheer vzw
Wij wonen, werken of bezitten grond in of naast het gebied. Wij erkennen de natuurwaarde van De Vennen. Het ontwerp wil de vallei echter bewust en blijvend natter maken, zonder te onderzoeken wat dat betekent voor de woningen, percelen en afwatering errond. Het bevat daarnaast onvolledigheden en tegenstrijdigheden. Wij vragen het ontwerp in zijn huidige vorm niet goed te keuren.
Onze bezwaren hebben betrekking op de wijzigingen die het ontwerp invoert: de uitbreiding met nieuwe percelen (van 152,79 ha naar 187,65 ha, en naar Hechtel-Eksel en Lommel), de nieuwe eenmalige werken (102 grachten over 9,7 km dempen of verondiepen, ca. 3 ha recreatievijvers dempen, oeverwallen afgraven op 11 plaatsen) en de nieuwe toegankelijkheidsregeling.
Hieronder verduidelijken we onze bezwaren.
A. Waterhuishouding en wateroverlast
1. De effecten buiten het reservaat zijn niet onderzocht. Het ontwerp heeft vernatting uitdrukkelijk als doel: het grondwater moet terug "in de wortelzone". Het bevat geen berekening van hoe ver die stijging reikt buiten de grens van het reservaat, tot bij woningen, tuinen, kelders, wegen en landbouwpercelen. Het ontwerp steunt op een ecohydrologische studie, maar die studie zit niet in het dossier en kan dus niet beoordeeld worden. Gezien deze studies enkel de wisselwerking tussen water en ecologie bestudeerd gaan wij ervan uit dat er geen studie gebeurde over de impact op economische en sociale impact.
2. De grachten die water van derden afvoeren, zijn niet aangeduid. Volgens het ontwerp worden “grachten die watervoerend moeten blijven enkel verondiept”. Het bevat echter geen lijst van welke grachten dat zijn. In een deel van het gebied zijn de grachten de enige afvoer van regenwater en huishoudelijk afvalwater. Ook waterlopen als de Ongelbergsloop voeren water af van de bebouwde rand. Zonder die lijst kan niemand nagaan of zijn afwatering gegarandeerd blijft.
3. De bestaande wateroverlast door beverdammen wordt niet aangepakt. Op de Grote Hoofdgracht en de Mostgracht liggen meerdere beverdammen. Bewoners en landbouwers stellen nu al een verhoogde grondwaterstand vast, met vocht in kelders en kruipruimtes, slecht werkende septische putten en onbewerkbare percelen. Het ontwerp noemt beverdammen zelf "momenteel nefast" voor het gebied, maar bevat geen engagement over dambeheer op de hoofdgrachten of aan de afvoerpunten van woningen. Tegelijk staat de bever bij de doelsoorten. Die tegenstrijdigheid wordt niet expliciet vermeld, laat staan opgelost.
4. De bijkomende vernatting komt bovenop een situatie die nu al problemen geeft. Het ontwerp beoordeelt de werken niet in samenhang met de huidige, verhoogde waterstanden. Het cumulatieve effect op de omgeving is niet onderzocht.
5. Er zijn geen metingen aan de bewoonde rand en geen mechanisme om bij te sturen. Het ontwerp vermeldt 18 peilbuizen en 10 peilschalen, maar niet waar ze staan. Er is geen opvolging voorzien aan de rand met bewoning en landbouw, geen toegang tot de meetgegevens, geen fasering van binnen naar buiten en geen drempelwaarde waarbij de werken worden stilgelegd of teruggedraaid.
B. Procedure en kwaliteit van het dossier
6. De watereffecten zijn niet gescreend. De MER-screenings voor bebossing en ontbossing stellen dat er "geen bodemingrepen" zijn en dat de watertoets "niet van toepassing" is. Dat is volgens ons in tegenspraak met het dempen van 9,7 km grachten en ca. 3 ha vijvers en het afgraven van oeverwallen. Voor die grondwerken ontbreekt een screening van de effecten op grond- en oppervlaktewater.
7. De vereiste ontheffingen en vrijstellingen zijn niet consistent aangevraagd. Uit het dossier blijkt niet dat een ontheffing werd gevraagd voor het wijzigen van het waterpeil (art. 35 Natuurdecreet). De vrijstelling voor het dempen van grachten is niet aangeduid, terwijl het ontwerp precies daarop steunt. Graag hiervoor bevestiging indien wel gevraagd en verkregen.
8. Het type van de percelen is onduidelijk en tegenstrijdig. Het ontwerp stelt dat percelen waarvoor de eigenaar geen toestemming geeft voor erkenning als natuurreservaat, als type 3 worden ingediend. ANB vermeldt het dossier echter als type 2 en 4. Het huidige plan is uitsluitend type 4. Het dossier maakt niet duidelijk welke percelen onder welk type vallen. Ook hier geen transparantie.
9. De instemming van eigenaars is niet aangetoond. Op percelen waarvan de eigenaar de erkenning als reservaat weigert, kan Natuurpunt beheerder zijn zonder eigenaar te zijn. Het ontwerp vermeldt niet welke percelen dat zijn, wie de eigenaars zijn en of zij hebben ingestemd met ingrijpende werken op hun grond, zoals het dempen van grachten of vijvers. Ook hier geen transparantie.
10. Welke percelen worden toegevoegd, is niet transparant. De wijziging breidt het plan uit met ongeveer 35 ha en naar twee buurgemeenten. Het dossier geeft geen overzicht van de nieuw toegevoegde percelen en van de werken die daar gepland zijn, in het bijzonder aan de rand met bewoning.
11. De ontwerp-toegankelijkheidsregeling is niet ingevuld. De tekst bevat nog invulvelden ("de gemeente [Y]", "[datum]") en verwijst naar "de rozentuin in de Dendrologische tuin 'Den Tip'", die niet in De Vennen ligt. Dat wijst op een overgenomen sjabloon dat niet aan dit gebied werd aangepast. Een regeling in die vorm kan niet worden goedgekeurd.
C. Economische, landschappelijke en maatschappelijke belangen
12. De belangen van derden worden niet afgewogen. Het ontwerp stelt: "de economische functie wordt door de beheerder ondergeschikt geacht aan de ecologische en de sociale functie" en formuleert geen economische doelstellingen. Binnen een reservaat is voorrang voor natuur begrijpelijk, maar 97,5 % van de percelen heeft volgens het gewestplan een agrarische bestemming. Het ontwerp weegt nergens af wat de vernatting betekent voor de landbouwbedrijven, woningen en gronden in de omgeving.
13. Er is geen oplossing voor de landbouw. Het ontwerp erkent dat landbouwers in het gebied hinder ondervinden, maar verwijst enkel vaag naar grondruil en, op langere termijn, een RUP. Er is geen concreet aanbod, geen timing en geen garantie.
14. Er is geen regeling voor schade. Er is niet voorzien in een aanspreekpunt, een meldpunt of een vergoedingsregeling voor bewoners en landbouwers die aantoonbaar schade lijden, zoals vochtschade aan woningen, verlies van oogst of waardeverlies van gronden en woningen.
15. Landschapselementen gaan verloren. Het ontwerp bepaalt dat houtwallen die afsterven door hydrologisch herstel of vernatting door bever, niet meer worden hersteld. Bomenrijen en houtkanten zijn beeldbepalend voor de Kempense beemden en hebben landschappelijke en erfgoedwaarde. Hun verlies wordt als neveneffect aanvaard zonder afweging en zonder vermelding, nochtans is er een (leeg) hoofdstuk gewijd aan Erfgoed (3.1.3.2).
16. De toegankelijkheid is niet gegarandeerd. Het ontwerp stelt dat het gebied "voor zover de draagkracht het toelaat" wordt opengesteld. De vernatting zal de draagkracht van de bodem en paden verminderen. De ontwerp-toegankelijkheidsregeling laat toe het gebied geheel of gedeeltelijk ontoegankelijk te stellen (art. 2.3). Het ontwerp zegt nergens welke paden gegarandeerd open blijven, wie ze onderhoudt en of ze bij vernatting worden verhoogd of verlegd in plaats van gesloten.
Verzoek
Op basis van deze bezwaren vragen de ondertekenaars:
Hoofdvraag: het ontwerp van wijziging van het natuurbeheerplan De Vennen en de toegankelijkheidsregeling in hun huidige vorm niet goed te keuren.
In ondergeschikte orde: een goedkeuring pas te overwegen als het ontwerp minstens:
1. een berekening bevat van de invloedszone van de vernatting binnen en buiten het reservaat, op basis van een impactmeting die werkelijk rekening houdt met ecologische, sociale en economische impact op het gebied en het grensgebied. En die ter inzage wordt gelegd;
2. een lijst en kaart bevat van alle grachten die water van woningen, wegen of percelen van derden afvoeren, met de garantie dat die watervoerend blijven;
3. een aparte screening van de watereffecten van de grondwerken bevat;
4. de werken faseert van de kern naar de rand, met opvolging en een vooraf vastgelegde drempelwaarde waarbij de werken worden stilgelegd of bijgestuurd;
5. peilbuizen voorziet aan de bewoonde rand, met openbare meetgegevens voor gemeente en bewoners en drempelwaarden en de daar aangekoppelde maatregelen;
6. een engagement bevat voor dambeheer op oa de Grote Hoofdgracht, de Mostgracht en aan de afvoerpunten van woningen, in afspraak met de waterloopbeheerder;
7. duidelijk maakt welke percelen onder welk type vallen, welke percelen worden toegevoegd en dat alle eigenaars schriftelijk hebben ingestemd met de werken op hun grond;
8. een concrete visie en aanbod uitwerkt voor de betrokken en geïmpacteerde landbouwers;
9. een aanspreekpunt, een meldpunt en een schaderegeling voorziet voor bewoners en landbouwers;
10. een correct ingevulde toegankelijkheidsregeling bevat, met een lijst van paden die gegarandeerd open en onderhouden blijven.
Wij vragen dat elk van deze bezwaren afzonderlijk wordt behandeld in het verslag van de consultatie- en adviesronde.
Met vriendelijke groeten
Namens de ondertekenaars,
Dieter Mols, Geert Willekens, Wieter Mariën & Koen Willekens
Bijlagen
1. Gewestplan
2. Lijst van ondertekenaars (naam, adres, hoedanigheid: bewoner, eigenaar, landbouwer, gebruiker)
3. [Optioneel: foto's van wateroverlast en beverdammen, met datum en locatie]
Bijlage 1
